top of page

Thuiskomen gaat niet over weggaan, maar over terugkeren

  • Foto van schrijver: Anouk Hogeveen
    Anouk Hogeveen
  • 4 jun
  • 4 minuten om te lezen

Bijgewerkt op: 8 jun

Jarenlang dacht ik dat reizen ging over nieuwe plekken ontdekken. Tot ik ontdekte dat de belangrijkste reis niet naar buiten leidde, maar naar binnen.


Over vertrekken en thuiskomen

Bijna twintig jaar werkte ik als stewardess bij de KLM. Ik vloog de hele wereld over. Van New York tot Jakarta, van Buenos Aires tot Tokio. Reizen werd een vanzelfsprekend onderdeel van mijn leven. Koffers pakken, vertrekken, nieuwe mensen ontmoeten, tijdzones oversteken en weer thuiskomen. Tenminste, dat dacht ik.


Lange tijd zag ik reizen als iets wat naar buiten gericht was. Nieuwe plekken ontdekken. Andere culturen leren kennen. Ervaringen opdoen. Maar de afgelopen jaren ben ik anders naar reizen gaan kijken. Misschien omdat het leven me daartoe uitnodigde. Misschien omdat sommige reizen pas betekenis krijgen wanneer je terugkijkt.


Ik realiseerde me dat de belangrijkste reis die ik heb gemaakt niet over de wereld ging, maar over mezelf.


Wat zichtbaar werd onderweg

De luchtvaart is een bijzondere wereld. Je werkt intensief samen met mensen die je daarvoor vaak nog nooit hebt ontmoet. Binnen een paar uur vorm je een team, verdeel je de taken en draag je samen verantwoordelijkheid voor honderden passagiers.

Wat me altijd heeft gefascineerd, is hoe snel de onderlinge dynamiek zichtbaar wordt. Wie neemt initiatief als het druk wordt? Wie trekt zich terug? Wie houdt overzicht? Wie zorgt voor de sfeer? Wie vraagt om hulp en wie probeert alles alleen op te lossen?


Misschien vond ik het daarom zo'n mooie omgeving. Achter alle procedures, uniformen en veiligheidsregels draait het uiteindelijk om mensen en relaties.

De mooiste gesprekken voerde ik soms met mensen die ik waarschijnlijk nooit meer zou zien. Collega's tijdens een nachtvlucht. Passagiers ergens boven de Atlantische Oceaan. Gesprekken die soms verrassend snel de diepte in gingen. Misschien juist omdat er geen geschiedenis was. Geen verwachtingen. Geen rollen die al jarenlang vastlagen.


Leuk tot aan de voordeur

Jarenlang maakte ik daar weleens een grapje over. "Leuk hoor, dat vliegen. Maar het is vooral leuk tot aan de voordeur." Want pas wanneer ik thuis kwam, voelde ik vaak hoe moe ik werkelijk was. Tijdens een vlucht stond ik aan. Er moest van alles gebeuren. Er waren collega's, passagiers, verantwoordelijkheden en onverwachte situaties. Daar was energie voor. Daar kon ik op varen.


Maar thuis voelde ik pas wat het eigenlijk had gekost.

Achteraf zie ik dat niet alleen in mijn werk terug. Het was een patroon dat op meerdere plekken in mijn leven zichtbaar werd. Doorgaan. Organiseren. Oplossen. En pas stilstaan wanneer het echt niet anders kon.


Eerst je eigen zuurstofmasker

Iedereen die ooit heeft gevlogen kent de instructie: "Zet eerst je eigen zuurstofmasker op voordat je een ander helpt." Op zich een logisch veiligheidsvoorschrift. Maar tegelijk ook een essentiële levensles. Veel van ons zijn opgegroeid met het idee dat goed zorgen betekent dat je eerst naar de ander kijkt. Naar je partner. Je kinderen. Je ouders. Je collega's.


Maar wie voortdurend zorgt zonder zelf gevoed te worden, raakt uiteindelijk uitgeput.

Ik denk dat veel mensen die in dienstverlenende beroepen werken dat herkennen. Maar ook ouders. Partners. Leidinggevenden. Mensen die gewend zijn verantwoordelijkheid te dragen en snel over te steken naar de ander. Het lijkt nobel om jezelf als laatste te zetten. Totdat je ontdekt dat niemand daar uiteindelijk beter van wordt.


De reis naar binnen

De afgelopen jaren ben ik steeds meer een andere beweging gaan maken.

Niet verder naar buiten. Maar naar binnen. Ik vond het een hele klus. Want zodra ik stil ging staan, kwam er weerstand. Schuldgevoel. Ongemak. Twijfel. Alsof er iets in mij én in de systemen om mij heen gewend was geraakt aan de oude beweging. En misschien klopt dat ook wel. Want zodra één iemand verandert, verandert er iets voor iedereen.


Ik begon steeds beter te zien hoe patronen uit mijn gezin van herkomst doorwerkten in mijn relaties, mijn werk en de keuzes die ik maakte. Hoe vanzelfsprekend het was geworden om sterk te zijn, verantwoordelijkheid te nemen en eerst naar anderen te kijken. Kwaliteiten die me veel hebben gebracht, maar die soms ook in de weg kunnen zitten.


De vrouwen die mij voorgingen

Tijdens mijn opleiding verdiepte ik me steeds meer in mijn familiegeschiedenis. In de Nederlands-Indische lijn van mijn moeder. In de verhalen van mijn oma, die als jonge vrouw de oorlog en de Japanse kampen meemaakte. In de vrouwen die hun land moesten verlaten, opnieuw moesten beginnen en vooral leerden door te gaan.


Ik voel veel respect voor die vrouwen. Voor hun veerkracht en hun vermogen om verder te gaan wanneer het leven iets anders van hen vroeg dan ze hadden gehoopt.

Tegelijkertijd begon ik me af te vragen welke boodschappen daar ook in verborgen zaten. Over sterk zijn. Over aanpassen. Over niet te veel vragen. Over doorgaan.

Soms dragen we meer mee dan we beseffen.


Samen reizen zonder elkaar kwijt te raken

Misschien is dat wel een van de belangrijkste inzichten die ik de afgelopen jaren heb opgedaan.


Dat je samen kunt reizen zonder jezelf kwijt te raken.

Dat liefde niet vraagt dat je jezelf opgeeft.

Dat verbinding niet ontstaat door voortdurend voor de ander te zorgen.

Dat relaties niet sterker worden wanneer één van de twee steeds meer draagt.


Echte verbinding ontstaat wanneer beide mensen echt aanwezig mogen zijn. Met hun verlangens, hun grenzen, hun geschiedenis en hun kwetsbaarheid.

Dat klinkt eenvoudig. In de praktijk blijkt het vaak een levenslange oefening.


Thuiskomen

Tegenwoordig denk ik dat thuiskomen niet gaat over een huis. Niet over een postcode. Niet over een bestemming op een kaart. Thuiskomen gaat over thuiskomen bij jezelf. Bij de delen van jezelf die je onderweg misschien bent kwijtgeraakt. Bij de mensen die belangrijk voor je zijn. Bij je gezin. Bij je relatie. Bij je verlangen. Bij je eigen leven.


Reizen gaat niet altijd over weggaan. Soms gaat reizen over terugkeren.

En misschien is dat wel de mooiste reis die er bestaat. Misschien herken je iets van dit verhaal. Dat je veel hebt gegeven, veel hebt gedragen of lange tijd vooral onderweg bent geweest. In je werk, in je relatie of in het leven zelf. Dat er ergens een verlangen is om meer thuis te komen bij jezelf en bij wat werkelijk belangrijk voor je is.


Het helpt om daar samen bij stil te staan. Om te onderzoeken welke patronen je met je meedraagt, wat je onderweg hebt geleerd en welke beweging nu misschien mogelijk wordt.


Je bent van harte welkom.


Daar waar we elkaar raken.


Anouk Hogeveen

Opmerkingen


bottom of page